In totaal
116.871
steunbetuigingen
 
LAATSTE NIEUWS


Vrij onverwacht heeft D66 (Pia Dijkstra) op 17 juli 2020 het initiatiefwetsontwerp Voltooid Leven ingediend bij de Tweede Kamer. De wet is terug te vinden onder de titel: Voorstel van wet houdende toetsing van levenseindebegeleiding van ouderen op verzoek.

Onverwacht omdat in coronatijd zoveel ouderen tegen hun wil aan het virus zijn bezweken, dat de samenleving nog moet herstellen van het leed dat velen is aangedaan. Familie, vrienden, verpleegkundigen, verzorgenden e.a. zijn nog in de rouw over wat zij hebben meege-
maakt. Bovendien kent iedereen wel iemand in zijn of haar omgeving die met het Covid-19 virus besmet is geweest.

Hoeveel ouderen in verpleeghuizen, ziekenhuizen al dan niet op IC's zijn op een mensonwaardige manier, zonder hun dierbaren in de buurt in alle eenzaamheid overleden? Een schokkende ervaring waar de samenleving nog geruime tijd van zal moeten bekomen. Zo'n situatie willen we niet meer meemaken. De tijd lijkt niet geschikt om wéér over het levenseinde van oude mensen te beginnen.

Zo kun je er over denken. De andere kant van het verhaal is dat het tijd wordt maatregelen te nemen voor een waardige manier van sterven. Zelfgewild en goed begeleid zodat er geen ongelukken kunnen gebeuren. In een onzekere tijd waarin het coronavirus nog lang niet is bedwongen, is vooruit denken noodzakelijk. Aan ouderen wier leven voltooid is, om welke reden dan ook, moet een uitweg geboden worden. D66 heeft dat begrepen en zonder meer voor deze laatste invalshoek gekozen.

Hiermee wordt voortgeborduurd op het succesvolle burgerinitiatief Voltooid Leven uit 2010 met maar liefst 116.871 steunbetuigingen. De initiatiefgroep Uit Vrije Wil had in dat jaar de Tweede Kamer reeds een proeve van wet aangeboden ten einde ouderen die hun leven voltooid achten, stervenshulp te kunnen verlenen. Dit onder voorwaarden en op hun nadrukkelijk verzoek.

Na bestudering van het D66-wetsvoorstel en de memorie van toelichting zal hierover op deze site meer worden gerapporteerd. Ook zal nog het nodige gezegd worden over het perspectief-onderzoek o.l.v. Dr. Els van Wijngaarden, dat in januari 2020 is gepubliceerd en waar hier reeds kritische kanttekeningen bij zijn geplaatst.

Dat in Nederland belangrijke stappen worden gezet, moge duidelijk zijn. Waar in de coronacrisis ook vorderingen mee zijn gemaakt, is de onderstreping van het belang van wilsverklaringen. Het gaat daarbij om drie documenten: behandelverbod, euthanasieverzoek en volmacht. Als ouderen wilsverklaringen hadden opgesteld, was voor familie en artsen duidelijk welke wensen van de patiënt gerespec-teerd moesten worden. Dan was opname in ziekenhuis of op de IC uitgesloten als er geen redelijk uitzicht bestond op een voor de persoon in kwestie waardige levensstaat. Het was dus ondanks alles tóch mogelijk voor jezelf op te komen. Dat hebben de afgelopen maanden ons ook geleerd. Deden velen onder wie Bert Keizer daar eerder schamper over, nu is gebleken hoe waardevol opgestelde wilsverklaringen zijn.

Daar is nog een ander voorbeeld van. Onlangs heeft de Hoge Raad de schriftelijke wilsverklaring geldig verklaard bij euthanasie ook al is de dementie vergevorderd. Uiteraard zal dergelijk handelen niet vaak voorkomen, omdat de patiënt ondanks de dementie toch duidelijke signalen moet afgeven van ondraaglijk lijden. Dit aantoonbare lijden is in het wetsontwerp van D66 tot opluchting van velen niet terug te vinden. Op hoge leeftijd is elke reden om uit het leven te willen stappen valide. Oude mensen kunnen gewoon zeggen: ik heb een mooi leven gehad, maar nu is het genoeg!

Hoe het verder met het gedachtegoed van Uit Vrije Wil is gegaan, wordt hieronder beschreven. Dit eerst aan de hand van het rapport van de Adviescommissie Voltooid Leven, naar haar voorzitter ook wel Commissie-Schnabel genoemd. Daarna volgt de Kabinetsreactie op het rapport om vervolgens te eindigen met het wetsvoorstel van D66, zoals dat er eerder uitzag.


ONTWIKKELINGEN TOT NU TOE



HET RAPPORT SCHNABEL


Naar aanleiding van de tweede evaluatie van de Euthanasiewet werd op instigatie van de VVD-fractie in de Tweede Kamer de Adviescommissie Voltooid Leven ingesteld. Uit Vrije Wil had daar eerder ook al op aangedrongen. De adviescommissie kreeg de opdracht te adviseren over de juridische mogelijkheden en de maatschappelijke dilemma's met betrekking tot hulp bij zelfdoding aan mensen die hun leven voltooid achten. Maar het rapport Schnabel dat op 4 februari 2016 werd uitgebracht, rapporteerde slechts over de juridische onmogelijkheden.


Waarom was er zoveel commentaar op het rapport van de Adviescommissie Voltooid Leven? Dat valt te verklaren uit de hieronder opgesomde conclusies die ons inziens de Kabinetsreactie als het ware uitlokten.

 

Er is geen aanleiding voor juridische wijzigingen. De Euthanasiewet functioneert goed. De adviescommissie beveelt aan de bestaande reikwijdte van de wet beter bekend te maken, zowel bij patiënten en hun naasten als bij artsen. Verder gaan dan dat hoeft niet.

De groep waar het om gaat, lijkt klein. De Euthanasiewet biedt voldoende ruimte om het merendeel van de 'voltooid leven'-problematiek te ondervangen, stelt de adviescommissie. Hoe klein de groep is die over de rand valt, wordt niet nader onderzocht of gekwantificeerd.

Een visie op de toekomst ontbreekt. Dat ouderen steeds ouder worden staat onomstotelijk vast. Iedereen heeft daar in zijn eigen omgeving mee te maken. Prognoses over de vergrijzing in de samenleving ontbreken in het rapport.

Het ervaren van een voltooid leven valt te voorkomen. Aandachts-punten zijn eenzaamheid bestrijden en zelfredzaamheid vergroten. De vraag is of deze aandachtspunten wel op voltooid leven slaan. De adviescommissie geeft zelf als definitie van mensen met een voltooid leven dat zij veelal op leeftijd zijn, naar hun eigen oordeel geen levensperspectief meer hebben en dat zij als gevolg daarvan een persisterende, actieve doodswens ontwikkeld hebben.


DE KABINETSREACTIE


Het VVD-PvdA-kabinet stuurde op 12 oktober 2016 een brief getiteld 'Kabinetsreactie en visie Voltooid Leven' naar de Tweede Kamer. Daarmee legde het kabinet het rapport van de Adviescommissie Voltooid leven naast zich neer. Minister Schippers die dezelfde dag de Kabinetsreactie in Nieuwsuur naarbuiten bracht, vond het een degelijk rapport en had het echt stuk gelezen, maar was wél tot een andere conclusie gekomen.


De Euthanasiewet biedt een duidelijk afgebakend kader voor de actieve levensbeëindiging op verzoek, bij mensen die met een duidelijke medische grondslag uitzichtloos en ondraaglijk lijden. Voor mensen die een wens hebben om te sterven omdat zij hun leven als voltooid beschouwen, omdat zij lijden ten gevolge van bijvoorbeeld het verlies van partner en dierbaren, verlies van zinvolle contacten, door vermoeidheid en apathie zonder dat daarvoor een medische grondslag is aan te wijzen, biedt deze wet echter geen oplossing. Dit vraagt om een apart wettelijk kader.


Bij de uitwerking van een wetsvoorstel zijn de volgende uitgangspunten essentieel. Zo is de consistentie, de vrijwilligheid en weloverwogenheid van een verzoek het vertrekpunt. De zorgvuldige begeleiding daarbij wordt in handen gegeven van een nieuwe beroepsgroep bestaande uit stervenshulpverleners die een kopstudie op een medische opleiding hebben gevolgd. Te denken valt daarbij aan verpleegkundigen, psychologen of artsen. Deze medische achtergrond heeft niets te maken met de stervenswens, aldus de mondelinge toelichting van Minister Schippers in de Tweede Kamer. Het is meer dat als iets niet goed gaat of als er sprake is van een depressie dat de samenleving er zeker van kan zijn dat de hulpverlening in goede handen is.


Na de beoordeling dat het verzoek om hulp bij zelfdoding aan de vereiste criteria voldoet, kunnen de benodigde middelen via de apotheker beschikbaar worden gesteld. Het uitschrijven van het recept voor de middelen zou kunnen gebeuren door de stervenshulpverlener een speciale bevoegdheid daartoe te geven.


Het kabinet geeft een verrassend eigen visie op voltooid leven. Deze visie valt niet meer weg te poetsen. Een minpunt is evenwel dat het kabinet de autonomie van de groep ouderen om wie het gaat inbindt en koppelt aan de ondraaglijkheid van het lijden aan het leven zonder medische grondslag. Waarom mogen ouderen niet zelf hun reden aandragen waarom zij uit het leven willen stappen? Als het leven bijvoorbeeld als te lang wordt ervaren, moet hulp bij zelfdoding toch ook mogelijk zijn?


In het debat over de Kabinetsreactie in een plenaire vergadering van de Tweede Kamer op 26 oktober 2016 stemde de meerderheid van de Tweede Kamer (PvdA, VVD, D66, GroenLinks, 50 Plus) er mee in dat nu verder aan een wet gewerkt kan worden. PVV en SP twijfelden, de christelijke partijen (CU, SGP, CDA) waren fel tegen en omarmden het rapport Schnabel. Daarmee gaven zij wél aan dat de Euthanasiewet goed functioneert. En dat is weer winst.


De complete Kabinetsreactie is onder de gelijknamige button op de Homepagina terug te vinden.


WETSVOORSTEL VAN D66


Terwijl de Kabinetsreactie in oktober nog aangeeft naar een wet toe te willen werken, kwam D66 al in december 2016 met een wetsvoorstel. In deze initiatiefwet worden de voorstellen van Uit Vrije Wil grotendeels gevolgd.


Misschien nog meer dan Uit Vrije Wil destijds kon waarmaken, is in de nieuwe wet het principe van de zelfbeschikking optimaal neergezet. Het wetsvoorstel is gebaseerd op solidariteit en barmhartigheid, op erkenning van lijden aan het leven. Ook ouderen die geen medische klachten hebben moeten met alle zorgvuldigheid die daarbij noodzakelijk en wenselijk is, over hun eigen sterven kunnen gaan.


De hulpverleners worden niet langer stervenshulpverleners genoemd, maar heten voortaan levenseindebegeleiders. Zij toetsen alleen op basale zorgvuldigheidseisen: het verzoek dient vrijwillig, weloverwogen en duurzaam te zijn. Er worden dus geen eisen m.b.t. lijden of voltooid zijn van het leven gesteld (de oudere hoeft geen 'examen' te doen). Helderder kan het niet.


Evenals in de visie van het kabinet hebben de levenseindebegeleiders bij D66 een beroepsmatige achtergrond in de gezondheidszorg (verpleegkundige, arts, psychotherapeut, gezondheidspsycholoog). Ook zij moeten een speciale opleiding volgen. Ook hier schrijft de levenseindebegeleider het recept uit en haalt hij/zij de middelen bij de apotheek. De oudere die wil sterven, neemt de middelen zelf in. In het wetsvoorstel van D66 is de middelenverstrekking beter geregeld dan in het wetsvoorstel van Uit Vrije Wil. Een absoluut pluspunt. Waar Uit Vrije Wil nog beroepsgroepen buiten de gezondheidszorg toeliet zoals geestelijk verzorgers, doen kabinet en D66 dat niet. De reden is geen onbegrijpelijke.


Jammer is evenwel dat de leeftijdsgrens niet langer op 70 jaar is gesteld. D66 kiest voor 75 jaar gelet op het ingrijpende karaker, zegt D66 er bij. Zowel in de Kabinetsreactie als bij D66 wordt benadrukt dat autonomie in beginsel iedereen toekomt en dat autonomie voor de keuze om het leven te willen beëindigen om die reden zich niet beperkt tot ouderen. Maar omdat de groeiende wens tot het zelfgekozen levenseinde zich vooral manifesteert bij mensen op leeftijd, ligt het voor de hand om een nieuw systeem op die doelgroep te richten.


De overheersende gedachte is dat het sinds 2010 toch nog bijzonder snel is gegaan richting de doelstelling van het burgerinitiatief voltooid leven namelijk legalisatie van stervenshulp aan ouderen die hun leven voltooid achten. Dit op hun nadrukkelijk verzoek en onder voorwaarden van zorgvuldigheid en toetsbaarheid.

 

DE CONCRETE GESCHIEDENIS VAN UIT VRIJE WIL

 

Uit Vrije Wil kwam met een reuze klap binnen. Tien dagen na de persconferentie in Nieuwspoort en de lancering van de website op 9 februari 2010 waren al de voor het burgerinitiatief benodigde 40.000 steunbetuigingen binnen. (Het manifest waarmee naar buiten werd getreden, is te vinden onder de button Burgerinitiatief op de Homepagina.) Uiteindelijk werden op 18 mei 2010 116.871 (schriftelijke en digitale) steunbetuigingen bij de Tweede Kamer ingediend.

 

Van begin af aan heeft een initiatiefgroep van min of meer bekende Nederlanders de kar getrokken. Ouderen die voor ouderen opkomen en zich verdienstelijk hebben gemaakt in de politiek, kunst en cultuur, de media, de gezondheidszorg en de wetenschap. De Initiatiefgroep Uit Vrije Wil heeft bestaan uit:

 

Hedy d’Ancona, Yvonne van Baarle, Wouter Beekman, Frits Bolkestein, Mies Bouwman, Marie-José Grotenhuis, Eylard van Hall, Jit Peters, Milly van Stiphout-Croonenberg, Theo Strengers, Eugène Sutorius, Dick Swaab, Katuscha Tellegen, Jan Terlouw, Paul van Vliet.

 

Omdat een burgerinitiatief voor behandeling in de Tweede Kamer een uitgewerkt voorstel moest zijn, heeft de initiatiefgroep een proeve van wet gemaakt. Eugène Sutorius en Jit Peters namen het voortouw. Dit wetsvoorstel diende als uitgangspunt voor de hoorzitting van de commissies voor Veiligheid en Justitie en voor Volksgezondheid, Welzijn en Sport op 16 februari 2011 waarin leden van de initiatiefgroep de gelegenheid kregen de voorgestane maatregelen te verduidelijken. (Het wetsontwerp van Uit Vrije Wil is te vinden onder de button Wetgeving  op de Homepagina.)

 

Vervolgens werden op 18 mei 2011 rondetafelgesprekken gevoerd met ethici, wetenschappers, relevante organisaties, publicisten en ervaringsdeskundigen.

 

(Terzijde, maar van groot belang: in juni van datzelfde jaar bracht de KNMG een rapport uit waarin deze artsenfederatie aangaf onder druk van Uit Vrije Wil haar standpunt te verruimen. Voortaan kon ook een niet-lineaire optelsom van medische en niet-medische problemen, die dikwijls elk op zich niet levensbedreigend of fataal zijn, leiden tot uitzichtloos en ondraaglijk lijden in de zin van de Euthanasiewet. Vrij vertaald: een stapeling van ouderdomsklachten is voortaan ook een valide grond voor euthanasie.)

 

In de aanloop naar het Kamerdebat heeft ook de NVVE zich niet onbetuigd gelaten. Zij promootte de website Geachtekamerleden.nl waarop 4200 burgers reageerden met vaak schrijnende verhalen over de dood van een geliefd persoon. Op 17 januari 2012 kregen de woordvoerders ethiek van de politieke partijen 1000 geselecteerde, gebundelde verhalen over voltooid leven als petitie aangereikt.

 

Het burgerinitiatief werd in de Tweede Kamer uiteindelijk plenair behandeld op 8 maart 2012. Dat was een bijzondere gebeurtenis. Het NOS-journaal besteedde er uitvoerig aandacht aan. Ook voor de leden van de Tweede Kamer was het buitengewoon. Zo vaak komt het niet voor dat een burgerinitiatief op de agenda staat.

 

Door de aangenomen motie-Klijnsma werd bepaald dat het burgerinitiatief betrokken zou worden in de kabinetsreactie op de tweede evaluatie van de Euthanasiewet. Het burgerinitiatief was dus behandeld, maar kwam toch ook weer terug.

 

Op 30 september 2013 kreeg Uit Vrije Wil voor het laatst de gelegenheid haar standpunt in de Tweede Kamer toe te lichten. Dat was in een rondetafelgesprek dat de Commissie voor Volksgezondheid, Welzijn en Sport hield over de tweede evaluatie van de Euthanasiewet en de kabinetsreactie daarop. Uit de voorliggende kamerstukken kwam het volgende naarvoren. 

 

Het kabinet is van mening dat er na jarenlange discussie een evenwicht is gevonden voor het handelen rond het levenseinde. (Uit Vrije Wil deelt deze mening in het geheel niet, want de discussie is nog nooit zo hoog opgelaaid.) De hoofdredenering om het wetsvoorstel van Uit Vrije Wil af te wijzen is echter dat het zich niet goed zou verhouden tot het huidige stelsel. (In het position paper van Uit Vrije Wil wordt dat weerlegd.)


Onder het motto 'Waar een wil is, is een weg' drong Uit Vrije Wil er bij die gelegenheid ten slotte op aan om - als het niet anders kan - een Staatscommissie Voltooid Leven in te stellen. "Dat betekent wél uitstel, maar u geeft ouderen met een voltooid leven in ieder geval hoop op een oplossing."


Hiermee is een einde gekomen aan Uit Vrije Wil en het door haar geïnitieerde burgerinitiatief. Ons doel - een veilige hulpverlenersroute voor oude mensen van 70 jaar en ouder die hun leven voltooid achten - is nog niet bereikt, maar de initiatiefleden zijn ervan overtuigd: het komt!


Dit schreef Uit Vrije Wil toen zij zich ophief. Het Kabinet Rutte II heeft nu het initiatief genomen om de voorgestane wettelijke regeling tot stand te brengen. Dit betekent een ethische vernieuwing die past in de Nederlandse traditie.


Deze site wordt voor onbepaalde tijd aangehouden teneinde belangrijk nieuws en toekomstige ontwikkelingen met u te kunnen delen. De informatie wordt verstrekt door Yvonne van Baarle, bedenker van Uit Vrije Wil en initiatiefneemster van het Burgerinitiatief Voltooid Leven. (Update 17 juli 2020)

 

 

 

 

 

Deel deze site met uw relaties: